Het natuurpark van de 2 Ourthes

 

Dit natuurpark werd op 12 juli 2001 erkend door het Waals Gewest.
Het park behelst het gebied van de westelijke Ourthe, de oostelijke Ourthe en de samenvloeiing van beide rivieren. Zes gemeenten zijn bij het milieuproject betrokken: Gouvy, Houffalize, La Roche-en-Ardenne, Bertogne, Sainte-Ode en Tenneville.


 

Oppervlakte:


De zes gemeentes beslaan samen niet minder dan 76.000 ha.

Het natuurreservaat beantwoordt stellig aan een noodzaak. Het eraan verbonden project heeft tot doel het natuurlijk territorium uit te breiden, het behoud van de bestaande de omgeving (water, leefmilieu, lucht, geluid) te garanderen, de bescherming van de natuur, de economische bloei, de sociale ontwikkeling te bewerkstelligen... Kortom dit ambitieuze project wil een coherent beheer verzorgen van dit vrij uitzonderlijk gewest.

 

Le parc naturel

 

Wettelijk kader:

 

Het decreet van 16 juli 1985 en zijn uitvoeringsbesluiten met de wijzigingen, voorzien in het decreet van 25 februari 1999, regelt het geheel van de te nemen maatregelen in dit project.

Beheersorganen:

Deze zijn velerlei en bestaan voornamelijk uit een studiecomité, een intercommunale, een beheercommissie en een administratieve kern.


Historisch overzicht:

• Vertrekpunt: de bescherming van de site " Le Herou" in Nadrin.
• 1998: studie van de mogelijkheden.
• 1999: aanvatten van de procedure - taakverdeling - uitwerking van de plannen van het beheer.
• 2000: stichting van de intercommunale - publieke enquête.
• 2001: het dossier wordt op de voet gevolgd bij de gemeenten en bij het Waals gewest. Het wordt voor verder afwerking terugbezorgd bij het studiecomité.
• Le 5 juni 2001: eindbesluit van de Intercommunale en instemming met de stichting van het Natuurpark.
• Le 12 juli 2001: goedkeuring door de Waalse overheid. Nadien volgden de installering van de beheerscommissie en het inrichten van het huis van het natuurpark (burelen).


Het nut van een natuurpark:

• Hulp en versoepeling van de contacten die reeds heden ten dage bestaan tussen de plaatselijke belangstellenden. Op die manier kan een wezenlijke en vruchtbare aanpak de diverse problemen welke zich kunnen stellen op het vlak van de omgeving, het beheer en het behoud van de natuur, op afdoende wijze op te lossen.
• Gezonde exploitatie van de natuurlijk mogelijkheden en van de ter plaatse bevonden patrimoniale goederen.
• Hulp bij de uitbouw van een degelijk georganiseerd en kwalitatief gezond toerisme.
• Het realiseren van een "gemeenschappelijk front". Door de bundeling van de zes betrokken gemeenten en een dynamische werking kan de werking voor de regio en, verder naar Europa toe, uitgebreid en verzorgd worden.


Planmatig beheer van het natuurpark de 2 Ourthes:

Politieke wil en aangepaste strategieën bestaan reeds zowel op internationaal, federaal, regionaal, provinciaal als gemeentelijk vlak en wel in een heleboel sectoren (P.A.C., SDR, PCDR …) In deze strategieën zal de beheercommissie haar activiteiten en haar nevenactiviteiten opstellen. Het beheer van het park maakt op zinnige wijze deel uit van een stelselmatige en bewuste doorgevoerde dynamiek.

 

OBJECTIEVEN

 

1. Behoud van de natuur:

• Alle mogelijkheden die in verband met het vrije, wilde leven aanwezig zijn in het betrokken territorium moeten benut en versterkt worden. Dit kan liefst dank zij een ecologische onderbouw in alle geledingen. Wie belangstelling heeft moet zich uiteraard bewust zijn van de inzet. Hij weet dat het absoluut nodig is de instandhouding van de hier nog min of meer ongerepte natuur uiteraard te verzekeren. Dit vergt een daadwerkelijke inzet en een goed beheer.

• Beheersmodaliteiten moeten, in de diverse ecologische sectoren, planmatig uitgewerkt en bepaald worden. Opvang dient verzekerd te worden, net als bewustwording. Het gaat in feite iedereen aan.

 

2. Bescherming van de omgeving


• Ontwikkeling van alle programma's die voor bescherming instaan en meer bepaald de verdere uitbouw van ontwerpen die verband houden met thema's, als water, zorg voor de publiek opengestelde ruimten, beheer en de bewerking van zwerfafval en huisvuil.
     

3. Uitbouw en rationalisering van milieuzorg


• Zoeken naar middelen om een sluitend en coherent imago van het Natuurpark in alle delen van dit territorium te verrekenen.
• Behoud van de kwaliteit en van de aantrekkingskracht van de plaatselijke landsschappen die binnen het kader van dit park bestaan. Dit kan alleen zonder enig principieel onderscheid te maken tussen ongerepte natuur en andere patrimonia die door menselijke invloeden geëvolueerd zijn.
• Het aanvaarden en het verder ontwikkelen (in de praktijk) van de reglementering die uitgevaardigd werd door de Europese Conventie van het Landschap.
• Speuren naar incoherenties, anachronismen en andere tekortkomingen, die mogelijk kunnen bestaan in het huidige sectorplan. Voorstellen van andere aanpassingsprojecten in verband met milieu om, later desnoods, deze initiatieven en aanpassingen voor te stellen en waar te maken.
• Medewerken aan de verbetering van de rurale omgeving en van mobiliteit in deze sector.

4. Rurale en economische bezorgdheid


• De doorslaggevende rol van de landbouwers en de noodzaak van hun aanwezigheid in het behoud en de uitbouw van de landelijkheid moet onderstreept.
• De bewoners van de betrokken gemeenten moeten noodzakelijkerwijze een grondige kennis opdoen van woud en bos.
• De verschillende functies in verband met het woud worden onderzocht en besproken: De economische (productie en exploitatie), de economische (rentabiliteit), de sociale (ontvangst, recreatie, rol van de bevolking), de cynegenetische.
• Studie en inrichting van een toerisme dat rekening houdt met de principes van een duurzame uitbouw der diverse mogelijkheden.
• De intergratie van landschap en ecologie in het kader van de economische activiteiten moet verzekerd worden. Hierin dient ook de uitbouw van een wezenlijke complementariteit verrekend te worden, die moet bestaan tussen de diverse zones van het park dat voor economische werking instaan.

Drukken | PDF | Versenden